Top 2000
Het is weer eind van het jaar en dus Top tijd. Niet persé een top tijd om door te maken, maar wel veel Top lijsten of beter gezegd hitlijsten. Iedere (pop) zender heeft tegenwoordig zo zijn eigen top 100-5000, en ondanks dat het elk jaar weer een grotere show wordt is het toch ook wel erg leuk. Zelf was ik meer een ‘albumtype’. Singles kocht ik eigenlijk nooit, dat vond ik geld weggooien. In mijn hele leven heb ik daarom maar 3 singles gekocht.
De eerste was op de middelbare school: ‘Peter Gunn’ van Emerson, Lake & Palmer. Ik kocht die single omdat hij op geen enkele plaat uitgebracht werd, dus ik moest wel. Ik had zo’n beetje alle lp’s van hun en vond dat wel stoer. Je moet wel heel bijzonder zijn om van zulke moeilijke rockmuziek te houden toch? Alleen was ik de enige die dat wist en daarom kwam deze hit voor mij erg gelegen. “Ik heb al hun platen. Goed hè?”. Maar niet echt dus.
De tweede single was van Prince. Een remix van het nummer ‘The Future’. Toevallig heb ik ook van Prince bijna alles en is ook dit nummer op geen enkele cd verschenen. Dus dan maar het singletje. Omdat hij zo lekker doordreunt. Er staat trouwens ook nog een mooie remix op van ‘The Chair’, met de prachtige zin “If I’m guilty for what goes on in my mind, then give me the electric chair for all my future crimes”.
Het derde singletje is vrij recent. Een zomerhit van een paar jaar geleden waar ik om de een of andere reden maar geen genoeg van kon krijgen. ‘Moi Lolita’ van ‘het jonge ding’ Alizee. Zo kinderlijk vrolijk en met zo’n aanstekelijke melodie dat ik niet kon wachten tot hij weer op de radio werd gedraaid. Ik heb hem gekocht en zelfs voor in de auto op een cassettebandje gekopieerd. En dan 2×30 minuten lang op herhaling zodat ik het bandje niet hoefde terug te spoelen!
Ik heb het nummer net nog een keer gedraaid, maar in de avondschemering en met een verwarming die nog op toeren moest komen is het toch niet hetzelfde als toen ik het singletje kocht.
Zucht, was het maar weer zomer.


Het zinnetje “Meer blauw op straat” is inmiddels erg bekend. Maar wat mij betreft mag ook het bruin en wit weer terugkomen op straat. Het bruin van de monniken en het wit van de nonnen. Niet dat ik zo gelovig ben, eigenlijk helemaal niet, maar ik ben wel gevoelig voor de link die ze hebben met een meer spirituele wereld. En het kan geen kwaad in deze tijd om dat af en toe in het dagelijkse straatbeeld terug te zien.
Een eendje heb ik al (gevonden op straat), maar nu nog een bad. Liefst vol graag en met niet ál teveel schuim. Vreemde eendjes geen bezwaar.
Het is soms echt om gek van te worden hoe ik kan twijfelen. In dit geval weer of ik nu wel of niet een paar dagen naar ‘een centrum’ ga. Zo omschijf ik maar even voor het gemak een plek, woongemeenschap, cursushuis etc. waar je bijv. kunt mediteren, retraiteren(?), lichaamsgericht werken en andere dingen kunt doen. Lijkt me leuk en tegelijkertijd ook heel erg eng. En dus – zou je kunnen concluderen – kan ik er veel halen. En die conclusie had ik zelf ook al getrokken. Maar ja, die eeuwige drempel, die eeuwige twijfel. Wel, niet, wel, niet. Ik keek al af en toe eens naar buiten en baalde ervan dat een flinke sneeuwstorm uitbleef. Weer geen excuus om de knoop door te kunnen hakken.








