Hoe kinderen en dieren kunnen kijken
Ik heb het idee dat kleine kinderen en dieren vaak op dezelfde manier naar de wereld kijken. Ze zijn nieuwsgierig naar wat er rondom ze gebeurt en houden alles in de gaten. Vaak vinden ze dat rondom veel interessanter dan wat er binnen het gezelschap gebeurt waar ze toevallig bijhoren. Het hoofd van kind of dier schiet dan heen en weer totdat ze iets gevonden hebben dat hun aandacht weet vast te houden. In dit geval was ik dat. Of mijn camera. Zowel het kind als de hond onder de stoel bleven oogcontact met me zoeken, en waarschijnlijk omdat ik een buitenstaander was, iets aan de zijlijn, iets nieuws en onbekends. Ik heb dan steeds het gevoel dat het kind of het dier deel uitmaken van een totaal andere dimensie dan waar de rest van de wereld zich in bevindt. En door op te gaan in hun manier van kijken voel ik dat ik mezelf ook voor een deel buiten het officiële gebeuren plaats. En eerlijk gezegd vind ik dat erg prettig. Word ik vervolgens door iets, een vraag bijvoorbeeld, uit dat kijken getrokken, ervaar ik dat als storend. Alsof een ‘hoger’ deel van mijzelf voor even uit mijn lichaam was getreden en verplicht wordt weer in de huid te moeten kruipen van dat mens dat Jack heet en geacht wordt alert en attent te reageren op wat er in het ‘heden’ en de ‘werkelijkheid’ plaatsvindt. En ik maar het gevoel hebben dat ik juist uit een werkelijkheid getrokken te worden die ik als ‘hoger’ en ‘werkelijker’ beschouw.




















Het kopje van een advertentie van safaripark Beekse Bergen roept ‘Afrika, gevaarlijk dichtbij!’. Al eens in de Beekse Bergen geweest? Dan zul je merken dat Afrika eigenlijk erg ver weg is. Staand aan het hek van de gevaarlijke luipaard of leeuw loop je grote kans er geen enkele van te zien. Ze liggen dan ergens achter een boom of heuveltje of onder de grond, zoals hyena’s dat vaak plegen te doen. En gnoes en zebra’s heb ik in een boek beter van dichtbij kunnen bekijken dan in dit safaripark. Ze hebben er de ruimte, althans meer dan in een gewone dierentuin, en die ruimte gebruiken ze dan ook. Als een veld tweehonderd meter in doorsnee is zul je zien dat ze ook altijd op een afstand van tweehonderd meter van je vandaan staan te grazen of te luieren. Mensen houden van dieren, maar of dieren nu ook altijd van mensen houden? Misschien, als het niet anders kan of als ze aan ze overgeleverd zijn, zoals wanneer ze in gevangenschap leven. Voor de rest zouden deze dieren het liefst weer rondrennen op de Afrikaanse savannes, ver weg van dat irritante mensenvolk.










