Koosje kan vanaf nu zwemmen. Dat kon hij al, maar nu heeft de Grote Mensenwereld dit feit ook erkend en hem een diploma hiervoor gegeven. Ik vond het erg leuk hier bij te kunnen zijn aangezien ik zelf geen kinderen heb. Het zien van zoveel kinderen en alle herinneringen die dit zwemgebeuren in me opriepen maakten wel een enkel traantje in me los. Gelukkig viel dat in die natte omgeving toch niet op en had iedereen alleen maar aandacht voor zijn of haar kind.
Ik heb geconstateerd dat er een aantal dingen veranderd zijn t.o.v. vroeger. Ten eerste moesten wij verplicht met dichte schoenen aan het water in tijdens de nattekledingtest. Ik weet nog dat mijn voeten hierdoor aanvoelden aan kleine lode gewichtjes. Nu zag ik dat de meesten gekozen hadden voor de open variant, namelijk sandalen of van die plastic badslippers met een riempje. Ook moesten wij volgens mij vroeger van die zwarte rubberen ringen opdiepen vanaf de bodem van het zwembad. Afhankelijk van het diploma, ‘a’ of ‘b’, waren het er twee of drie die, afhankelijk van de stemming van degene die ons zwemmen kwam beoordelen, verder of minder ver van elkaar op de bodem werden gegooid.
Zo lijkt het alsof wij het vroeger zwaarder hadden dan de huidige lichting, maar dat valt wel mee. Als compensatie moest iedereen na elke test zelfstandig via het midden van het zwembad uit het water zien te geraken, hetgeen gezien de vaak nog kleine lijfjes en de hoge rand van het zwembad op het laatst een bijna onhaalbare opgave leek te zijn.
Als laatste, nadat iedereen te horen had gekregen dat ze geslaagd waren, was er nog de uitreiking van de diploma’s. Op A4 formaat en van papier. Wij kregen (of moesten we die kopen?) van die rechthoekige rubberen of plastic diploma’s die onze moeders vervolgens op onze zwembroekjes konden naaien. Zo had je als ik me niet vergis groen voor ‘a’, blauw voor ‘b’, geel voor ‘c’, donkergeel voor ‘d’, rood voor ‘e’ en zwart voor ‘f’. Van de laatste twee ben ik me niet zeker want toen ben ik gestopt met zwemlessen nemen. Er was toch geen open plekje meer over op mijn zwembroekje, en zo’n ding op je kont is geen gezicht. Er waren wel van die opscheppers die er zes op hun broek hadden genaaid, maar dat waren dan ook oudere jongers met dus grotere zwembroeken.
Ik ben benieuwd of mijn moeder die dingen nog bewaard heeft. Moeders gooien niet zo gauw iets weg. Ik zal haar eens vragen, en als ik ze nog heb zal ik ze hier met verlate trots nog eens laten zien. Zo’n diplomazwemmen mee mogen maken werkt namelijk aanstekelijk.