Na de brommer van mijn vader is er nu opnieuw een antiquiteit verdwenen uit het huis van mijn ouders. De ijskast van het merk Fiat kochten ze een paar jaar na hun trouwen in 1963, hetzelfde jaar als waarin ik geboren werd. Daarmee is hij dus 45 jaar oud, maar dankzij het onmenselijk goed onderhoud (nog zo’n antiquiteit) door mijn moeder ziet hij er tot op de dag van vandaag nog uit als nieuw. Nou ja, hier en daar ontbreekt een klein stukje lak, maar voor de rest ziet hij er nog geweldig goed uit. En wat natuurlijk ook belangrijk is, hij doet het nog steeds prima!
Fiat? Maken die niet auto’s? Ja, maar bijna niemand weet dat ze eind vijftiger jaren, begin zestiger jaren – een tijd dat de huishoudelectronica in opmars was – ook ijskasten en wasmachines maakten. Zelfs op de ‘historica’-pagina van de website van Fiat staat hier niets over vermeld, en dat hadden ze best mogen doen want de kwaliteit van dit apparaat is inmiddels legendarisch (binnen mijn familie).
De afgelopen jaren stond de ijskast in de kelder van de flat van mijn ouders en werd dan alleen nog tijdens verjaardagen in- en aangezet om alle vlaaien kwijt te kunnen, maar nu vonden ze het dan tijd worden hem weg te doen, desnoods naar de stort… Dat zou zonde zijn, vond ik, zoiets unieks gooi je niet zomaar weg. Op zijn minst zou ik, net als in het geval van die brommer, even de moeite nemen om via internet een koper te vinden die zo’n apparaat nog kan waarderen en hem een mooi plekje wil geven in zijn of haar huis.
En dus staat de Fiat nu te pronken in zijn nieuwe thuis in Doetinchem bij J., fervent Fiatrijdster en lid van de Fiatclub Nederland. Als ik de foto’s bekijk die ze me opstuurde zou ik bijna spijt krijgen dat ik hem zelf niet heb gehouden, maar dat gevoel was maar van korte duur. Het interieur en de kleuren passen echt bij dat apparaat uit de zestiger jaren, en zo blij als zij ermee is zou ik toch nooit zijn geweest.