Communicatie

KPNzovoorts

dinsdag 7 juni, 2011

Toen ik van een nieuwe klant hoorde dat hij zijn domeinnaam alvast geregistreerd had bij KPN, wilde ik maar één ding: zo snel mogelijk verhuizen naar mijn eigen provider. En alsof ik de Goden verzocht had om mijn voorgevoelens te bevestigen ging dat niet soepeltjes. Ik had verwacht lang te moeten gaan zoeken naar hoe ik een domeinnaam zou moeten verhuizen, en God zag dat het zo gebeurde. De website van KPN is een onoverzichtelijke zooi, waarbij eenmaal ingelogd op Mijn Software Online het allemaal niet veel duidelijker wordt. Voor vragen en antwoorden wordt je weer terugverwezen naar de beginpagina waarna je een aantal malen moet doorklikken naar de ‘Hoe verhuis ik mijn domeinnaam van KPN naar een andere provider’. Het antwoord op die vraag is ‘Met enige moeite en veel ergernissen’. Je kunt namelijk via e-mail verzoeken om een verhuizing, maar als je wilt dat het sneller gaat kun je ook een zogenaamde authorisatiecode opvragen. Die knop staat naast de domeinnaam, alleen in een ander venster met een geheel eigen wachtwoord. Die knop werkte niet en ook dat had ik voorvoeld. ‘Verzenden van authorisatiecode is mislukt’. Nu had ik in het voorbijgaan ergens gelezen dat in het hoogst uitzonderlijke geval dat die knop niet zou werken ik altijd nog (gratis!) zou kunnen bellen met een 0800-nummer, optie 3 en dan optie 2. Maar waar had ik dat ook alweer gelezen…? Uiteindelijk enzovoorts had ik een slaperige jongen aan de telefoon die me vertelde dat hij alleen maar een order kon aanmaken om die authorisatiecode handmatig aan te maken en te verzenden naar de eigenaar van de domeinnaam. En dat gaat ongeveer twee werkdagen duren… KPN, kunnen we dat bedrijf nu niet eens verkopen aan de Chinezen?

Bij herhaling

donderdag 7 april, 2011

Laurel & Hardy: volmaakte herhalingMarinet Haitsma schreef op haar blog een erg leuk en herkenbaar stuk over herhaling. Mensen die steeds maar weer dezelfde grap maken. Beter dan haar kan ik niet uitleggen hoezeer dit vaak te maken heeft met onderlinge verhoudingen en posities tussen mensen. Zal ik hier dan ook niet gaan doen. Ik moest alleen meteen denken aan een ontmoeting met een klant, gistermiddag. Toen ik zei dat er beslist ook een foto op de nieuwe website moest komen van de werkplaats terwijl hij aan het werk was, kreeg ik als antwoord ‘Dat zal moeilijk worden’. Het waarom hiervan kreeg ik meteen te horen van de vrouw die naast hem aan tafel zat. Er wordt namelijk nooit gewerkt bij hun. Een grapje uiteraard. Op dezelfde manier heb ik mijn ouders ook steeds maar weer dezelfde grappen horen maken. Zij schoten dan gezellig samen in de lach, en ik zuchtte maar weer eens flink en keek een andere kant op. Het ergste was als ze zo’n opmerking plaatsten als er andere mensen in de buurt waren. Een gevoel van schaamte kwam dan over me, waarbij ik de anderen het liefst had willen uitleggen dat het een heel erg bekende grap was voor mij en dat dat verklaarde waarom ik mijn kaken van ergernis stijf op elkaar geklemd hield. ‘Hier hoor ik niet bij’ zei ik dan weleens om mij toch nog een houding te geven, maar dat was eigenlijk al net zo afgezaagd als de grap die eraan voorafging.

Ik zit zelf ook vol herhalingen. Misschien dat ik er daarom vaak zo’n hekel aan heb bij anderen. Steeds maar weer hetzelfde staat voor mij gelijk met domheid en starheid. Alleen maar herhaling en je kunt net zo goed dood zijn. Dat zegt niet veel goeds over mijzelf. Ik weet ook dat je op sommige punten alleen maar kunt bestaan bij herhaling. Anders zou je jezelf iedere dag opnieuw moeten uitvinden, en dat is ondoenlijk en ook onnodig. En een kunstenaar herhaalt zich net zozeer als de plantsoenwerker die voor ieder meisje dat langsfietst dezelfde opmerking in petto heeft. Het enige verschil is dat kunstenaars (maar zeker niet allemaal) moeite doen variatie aan te brengen in hun werk. Al zijn het dan vaak variaties op een (over)bekend thema. Als mens zijn we nu eenmaal zelf onderdeel van herhaling. De een na de ander wordt geboren en sterft. Allemaal hetzelfde en alleen op enkele punten iets van elkaar verschillend. Misschien is herhaling met hier en daar wat variatie de beste manier om een gelukkig leven te kunnen leiden, al lijkt me dat stomvervelend. En begerenswaardig. Wat dat betreft begrijp ik mezelf nog steeds erg slecht. Maar dat heb ik geloof ik al vaker gezegd.

Punten en komma’s

vrijdag 7 januari, 2011

Honderdveertig leestekens, dat is alles wat je tot je beschikking hebt als je gebruik wilt maken van Twitter. Waarom het er precies 140 zijn weet ik niet. Waarom dan niet 100 ofzo? Hoewel, ook met 140 kom ik vaak in de knel met wat ik wil zeggen. En nog steeds gebruik ik punten en komma’s in mijn tweets, daar waar de meesten hier al lang mee gestopt zijn. Dat maakt het weleens lastig zo’n tweet goed te kunnen lezen. Tussen de @woorden door staan er #hier en #daar nog van die #hashtags en @retweets en @replies en je moet dan zelf maar uitvogelen waar het ene zinnetje begint en waar het andere eindigt. Een hele kunst af en toe. Als ik dit nu zelf eens ga proberen dan kan dit stukje tekst misschien wel veel korter:

140 leestkns is alles Waarom 140 :( waarom niet 100 fz hoewel ook met 140 kom ik vaak in de knel met wat ik wil twt en nog steeds gebruik ik . en , in mijn twts daar waar de meesten hier al lang mee getwt zijn Dat maakt het weleens lastig zo’n twt goed te kunnen lezen Tussen de @twt door staan er #hier #daar nog van die #hashtags @retweets @replies en je moet dan zelf maar twt waar het ene twt begint en waar de andere twt Een hele twt af en toe Als ik dit nu zelf eens ga proberen dan kan dit stukje twt misschien wel veel twter

Nou, dat valt nog tegen. Zoveel scheelt het niet en dan heb ik nog vals zitten spelen ook. Het lijkt er wel op dat het gebruik van de afkorting ‘twt’ in de meeste gevallen best wel goed werkt en je het eigenlijke woord dat er zo moeten staan vanzelf wel invult. Of lukt dat in dit geval alleen maar zo goed omdat je eerst de bovenste alinea hebt gelezen?

Communicatie is een vak

maandag 3 januari, 2011

Stel, je wilt iemand even iets vragen. Dan bel je aan of op en stelt je vraag. Tegenwoordig is dat niet meer zo makkelijk. Communicatie verloopt in veel gevallen bij voorkeur indirect. Dan is de bereikbaarheid minder goed en worden mensen minder vaak lastig gevallen met vragen. Ook de verantwoordelijkheid is dan ver(der) te zoeken. Als iemand het antwoord niet weet is er altijd wel iemand die daar ‘eigenlijk’ over gaat, nooit degene die je aan de telefoon hebt. Zo wilde ik graag iets weten over een zendmast die tussen Tilburg en Loon op Zand staat. Omdat die volgens mij binnen de gemeentegrenzen van Loon op Zand staat belde ik met die gemeente. Eerst een meisje aan de telefoon met de stem van een zestienjarige. Ze wist meteen waar ik het over had, alleen, wie gaat daarover? Drie doorverbindingen later kreeg ik hetzelfde meisje weer aan de telefoon die me mede mocht delen dat de gemeente helemaal niets te zeggen had over die zendmast en dat ik contact moest zoeken met de eigenaar, KPN. Ai, dat kon weleens lastig worden. KPN is gespecialiseerd in communicatie en doorverbindingen. De eerste doorverbinding vond plaats en na wat ruis en gekraak kwam ik in contact met een engelssprekende man met een Indisch accent. Als er niet een paar flatgebouwen in de weg zouden staan zou ik die zendmast bij wijze van spreken uit mijn raam kunnen zien. Logisch dat ik dan iemand uit India aan de lijn krijg. Logisch dat ik dan zeg ‘Excuse me, wrong number’ en ophang en het nog eens probeer. Ettelijke doorverbindingen later en ik krijg te horen dat de persoon die hierover gaat lunchpauze heeft. Later op de dag krijg ik deze persoon toch nog te pakken. Ik moest maar even mailen en dan zou hij intern even navraag doen. Dat lukte en ik kreeg netjes per mail antwoord. De zendmast is al een tijdje helemaal geen eigendom meer van KPN maar van een ander bedrijf. Het websiteadres hiervan heb ik inmiddels, ik durf alleen niet te kijken. Het bedrijf zou weleens bij mij om de hoek kunnen zitten.

Letterzetters

dinsdag 5 oktober, 2010

Letterzetter (spaarnestadphoto.nl)Altijd als ik mensen zie sms’en moet ik denken aan het oude beroep van letterzetter. Toen konden kranten pas gedrukt worden nadat een artikel van een journalist letter voor letter was ‘nagebouwd’ door een letterzetter. Nu hebben we computers met tekstverwerkers en drukkerijen die grote tekstbestanden razendsnel en volledig automatisch kunnen verwerken tot complete kranten. Toch vinden we het in deze tijd blijkbaar normaal als we nog letter voor letter berichtjes aan elkaar gaan versturen en hier zelfs een dagelijkse bezigheid van maken. Wat is het plezier hiervan eigenlijk? Je mag toch wel stellen dat sms’en een ontzettend knullige manier is om met elkaar te communiceren. Dat geldt ook voor twitteren. Mensen kunnen elkaar – als direct contact niet mogelijk is – hele verhalen sturen per mail of urenlange gesprekken voeren per telefoon, en dan geeft men toch nog de voorkeur aan korte tekstberichtjes van maximaal 140 tekens. Misschien is het wel lekker veilig op deze manier. Er is nooit sprake van onmiddelijke respons, de emotionele impact is minder door afwezigheid van (stem)geluid, het contact is van erg korte duur en wat jij of de ander eigenlijk zou willen of moeten zeggen kan niet want dan zijn de tekens op.

Waar sms’en me ook vaak aan doet denken is briefjes uitwisselen in de klas. Een woordje of kort zinnetje opschrijven en dit dan stiekem doorgeven aan iemand anders. Als ik iemand een sms’je zie krijgen en deze persoon leest het berichtje en er verschijnt een glimlach op zijn of haar gezicht, dan lijkt dat toch wel erg veel op die briefjes van vroeger. Als toeschouwer wist je nooit wat erin stond en je voelde je daarom een beetje buitengesloten. En er was natuurlijk ook jaloezie omdat die ander wel een briefje kreeg en jij niet. Vinden mensen het daarom zo belangrijk als ze kunnen zeggen dat ze een paar honderd ‘followers’ hebben op twitter? Lijdt iedereen inmiddels aan nomofobie? Hoe dan ook, sms’en of twitteren, ik vind het een behoorlijk kleuterige manier van communiceren voor deze tijd.

Waarom telefoongesprekken van anderen irritant zijn

zaterdag 2 oktober, 2010

Op de website van het AD staat een artikel over de vraag waarom telefoongesprekken van anderen zo irritant zijn. Ze doelen dan op de mobiele telefoongesprekken die je opvangt van anderen. Over de oorzaak staat er het volgende: ‘De sleutel ligt in de aard van een telefoongesprek: je hoort maar één helft. Een half gesprek is minder voorspelbaar, houdt je hersenen dus bezig en forceert je als het ware om te luisteren. Een volledig gesprek is betekenisvoller en daarom gemakkelijker te negeren’.

Ik vind ze ook irritant, die gesprekjes. Aan de andere kant vind ik ze ook erg boeiend. Je hoort maar één helft en ik kan me dan nog meer concentreren op de manier hóe iemand praat. Een soort meerwaarde door isolatie, net als bij tv-beelden die je bekijkt zonder het geluid aan te zetten. Een programma als Pauw en Witteman wordt dan heel erg bizar. En heel erg onbelangrijk. Een tafel vol gebaren en gezichtsuitdrukkingen. Ik krijg dan het vreemde gevoel dat taal heel essentieel is, maar dat woorden tegelijkertijd afleiden van de essentie. Waarom zou ik moeten weten waar ze het over hebben? Dat is helemaal niet interessant. Gewoon kijken naar wat ze aan het doen zijn en hoe ze naar elkaar kijken. Dat zegt genoeg.

In de titel heb ik ‘van anderen’ doorgehaald. Ik ben namelijk niet zo’n beller. Ik kan bij uitzondering weleens lang aan de telefoon zitten, maar meestal moet ik daar niet veel van hebben. Net als bij telefoongesprekken die je oppikt van anderen ervaar je ook tijdens je eigen gesprekken door de telefoon maar één helft van het geheel. Ook dit is maar een half gesprek want je ziet de persoon waarmee je belt niet. En voor mij is dat vrij essentieel. Daarnaast vind ik dat een telefoon er vooral is om kort even wat dingen te kunnen doorgeven. Een ‘lijntje’ om wat zaken op elkaar af te kunnen stemmen, elkaar van iets op de hoogte te kunnen brengen. Voor communicatie moet je de telefoon niet gebruiken.

Doorverbinden

donderdag 29 april, 2010

Je kent het wel. Je belt voor informatie en wordt eerst een tig aantal keren doorverbonden voor je de juiste persoon te pakken hebt. De laatste dagen heb ik weer aardig wat minuten in de wacht gestaan of kreeg opeens weer de receptioniste te pakken. Voor de verkiezingen van de Tweede Kamer ben ik ook dit jaar weer de contactpersoon in Midden-Brabant voor vrijwilligers die meehelpen met plakken en flyeren voor de Partij voor de Dieren. En voor het plakken bel ik altijd even met de verschillende gemeenten voor de meest recente lijst met locaties van de plakborden.

Hoe groter de gemeente hoe vaker je wordt doorverbonden en hoe vaker je iemand hoort zuchten en zeggen ‘Oei… Dat weet ik niet. Heeft u een momentje?’ Je zou toch denken dat ze die informatie op hun website zetten of dat er één iemand contactpersoon is voor alle zaken omtrent de verkiezingen. Blijkbaar niet. Maar hoe kleiner de gemeente hoe duidelijker het wordt. En hoe persoonlijker. ‘Oh, dan moet je waarschijnlijk Kees hebben.’ Vervolgens hoor je haar roepen: ‘Moniek! Zit Kees in z’n kamertje!?’. Waarna je Kees aan de telefoon krijgt die duidelijk hoorbaar het laatste stukje van een boterham zit weg te werken.

Hoe kleiner de gemeente of instantie, hoe sneller je de juiste persoon te pakken hebt. Een groot voordeel als je mij te spreken wilt krijgen. Bel je mij, krijg je mij. Tenzij ik even een boodschapje aan het doen ben of geen zin heb dat ding op te nemen. Maar dat is dan juist ook goed. Dan zou er van een ‘verbinding’ toch geen sprake kunnen zijn.

Het gemis van een staart

zaterdag 10 april, 2010

Een van de dingen waar ik jaloers op kan zijn bij dieren is hun staart. Hoorntjes vind ik ook leuk, en snorharen en van die puntige oortjes die alle kanten op kunnen draaien. Maar een staart lijkt me nog het leukst. Een ander een beetje kunnen plagen of vliegen verjagen terwijl je gewoon verder leest in je boek. En als iets je niet zint hoef je maar een paar keer druk heen en weer te zwaaien met je staart of hem tegen de grond te meppen om duidelijk te maken dat je geïrriteerd bent. En dat allemaal zonder woorden te hoeven gebruiken. Ook lijkt het me heerlijk rustgevend om met dat ding wat heen en weer te kunnen zwiepen. Geen pen of paperclip nodig om je bezig te houden tijdens een saaie vergadering.
Ik kan hem echt missen, die staart van Mickey.

De zatlap en de zakenman

dinsdag 23 maart, 2010

Het zou een mooie titel kunnen zijn voor een boek of film. In werkelijkheid was het een klein voorvalletje in de supermarkt. Een slonzig geklede en overduidelijk dronken man stond te wachten bij de kassa. Achter hem stond een man in driedelig pak en met glanzende zwarte schoenen en met een enorme krabpaal in zijn armen. Ik keek achterom naar de rij met kattenvoer, op zoek naar nog meer krabpalen, maar zag alleen maar zakken met kattenvoer. De dronkaard maakte er een opmerking over waarop de keurig geklede man antwoordde dat hij dat ding altijd bij zich droeg, waar hij ook naartoe ging. Gedurende een vijftal minuten kletsten en grapten de twee lekker door en namen voorbij de kassa afscheid van elkaar alsof ze elkaar al jaren kenden.

Citylights van Chaplin schoot even door mijn hoofd vanwege de vriendschap tussen de zwerver en de miljonair, en ook een aflevering met de Vieze Man die ik in gedachten voor me zag maar die in werkelijkheid nooit gemaakt is: ‘Lekker hè, zo’n krabpaal!’. Het was zo mooi om te zien dat ik helaas hun gesprekje zelf niet meer gevolgd heb. De dronken man met lang grijs haar en de man in pak met glad achterover gekamd haar, minstens twee koppen groter. Alsof er even een scheurtje was ontstaan in de gangbare manieren van contact tussen gangbare groepen mensen.

Nog een scheurtje: De gek.

Twittercops

woensdag 10 februari, 2010

TwittercopDEN BOSCH – De politie maakte al wel eerder gebruik van Twitter om mededelingen of oproepen te doen, maar daar bleef het meestal bij. Vanwege alle verwarring rondom de valse bommelding in Den Bosch van afgelopen dinsdag en het feit dat men veel eerder dan nu een goed beeld had kunnen krijgen van de hele situatie als men alle berichten op Twitter had kunnen volgen, heeft men nu besloten daarvoor een nieuwe eenheid in het leven te roepen. Agenten van het Twittercorps zullen 24 uur per dag het nieuws op Twitter gaan volgen en daarnaast regelmatig veldwerk gaan verrichten. Met de oprichting van deze nieuwe eenheid zullen voorlopig 80 nieuwe banen geschapen worden. Met name ook vrouwen (Tweety’s) worden verzocht op deze functie te solliciteren. (bron: eigen bron).

  • Mans de Jong Eindhoven Airport Ruth Peetoom Nieuwjaarsreceptie CDA Brabant Ruth Peetoom Ruth Peetoom Henk Bleker Henk Bleker Benefiet voor Erwin Vermeulen