Tintin
Binnenkort is het eerste deel van een nieuwe reeks verfilmingen van Kuifje in de bioscoop te zien. Zou de huidige generatie gamers nog weten wie dat was? Vast wel. Gelukkig zie ik vandaag de dag nog genoeg kinderen die verdiept zijn in een Suske en Wiske of Kuifje, ver weg van die zogenaamde echte wereld en met in hun hoofd een levendige versie van het verhaal zoals dat door geen enkele regisseur verfilm kan worden. En voor de kinderen die de albums van Kuifje nog niet kennen bestaat er nu de mogelijkheid ze alsnog te gaan lezen. Boekenwinkels zijn er alvast op voorbereid. Waar je eerst hoogstens een of twee delen van Kuifje kon vinden, staat nu prominent een display met alle albums. Zo zijn verfilmingen van (strip)boeken toch weer ergens goed voor.
Zelf heb ik al alle albums van Kuifje. En nee, die geef ik niet weg omdat ik daar te oud voor zou zijn. Ik lees ze nog steeds met tussenpozen. Niet meer zo intens als vroeger natuurlijk, maar nog steeds met erg veel plezier. Mijn eigen collectie kwam aanvankelijk langzaam tot stand. Een album voor mijn verjaardag, weken later weer eens eentje van mijn zakgeld. Totdat ik als kleine jongen in het ziekenhuis kwam te liggen voor een operatie. Dat vonden mijn ouders wel zo zielig dat ze bij ieder bezoek een, twee of zelfs drie nieuwe albums meenamen. Kijk, en dan schiet het lekker op. Zo is een ziekenhuisopname (soms) toch weer ergens goed voor.








Iedere ochtend, voordat ik me overgeef aan koffie en peperkoek, drink ik een glas vers geperst sinaasappelsap. Wat een douche doet met de buitenkant van mijn lichaam doet een glas sinaasappelsap met de binnenkant van mijn lijf. Het voelt alsof er porieën zitten die opengaan, cellen die wakker worden geschud, bloed dat aangezet wordt om wat sneller te gaan stromen. Dat was vroeger wel anders. Toen moest ik niks hebben van de zurige smaak van een sinaasappel, tenzij mijn moeder er nog een schepje suiker doorheen roerde. Het zal wel iets te maken hebben met hoe je lichaam werkt en in de loop van je leven verandert. Net als spruitjes en olijven. Ook die lustte ik als kind niet en dat is, weten we nu, vrij normaal. Dat kinderen geen spruitjes lusten heeft iets te maken met een stof die in spruitjes zit en nog niet goed verdragen wordt door de maag van een kind. Daarom blieft een kind geen spruitjes en niet omdat het lekker tegendraads wil zijn. Met betrekking tot sinaasappels vind ik het dan ook gek dat we vroeger met carnaval tijdens de kinderoptocht massaal achter een busje aanliepen waar sinaasappels uit gegooid werden. Met z’n allen schreeuwden we om het hardst om ‘appelesieeeene, appelesieeeene’ en kwamen dan aan het einde van de dag met volle plastic tassen sinaasappels thuis. Die we niet lusten. Het zal net wel zoiets zijn als met het sparen van sigarenbandjes of postzegels. Daar vond ik ook niks aan, maar ik moest er wel zoveel mogelijk hebben.








