Ouders

Nagedachtenisplicht

maandag 31 oktober, 2011

Wat een mooi woord is dit toch. Ik hoorde het onlangs in een documentaire over Hans en Sophie Scholl, twee leden van de Weiße Rose, een Duitse verzetsgroep tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ze riepen op tot geweldloos verzet tegen het naziregime en drukten tussen juni 1942 en februari 1943 zes anti-oorlogspamfletten en verspreidden die in grote Duitse en Oostenrijkse steden. Uiteraard en helaas werden ze opgepakt en geëxecuteerd. De teksten zelf zijn bewaard gebleven en onder andere gebundeld in het boekje Die Weiße Rose van zus Inge Scholl. Het is onze plicht, niet omdat het moet van iemand anders, om dit soort daden en de reikwijdte van de inhoud van dit soort teksten nooit te vergeten.

Gisteren was ik met mijn moeder op de begraafplaats van Sittard. Morgen is het Allerheiligen, gevolgd door Allerzielen op woensdag. We liepen langs de graven van mensen die we beiden gekend hebben, om te beginnen met het graf van de ouders van mijn vader. De begraafplaats is een van de mooiste die ik ken, en niet alleen maar omdat ik in Sittard ben geboren. Overal staan mooie oude bomen die gisteren nog mooier waren vanwege de herfst en het lekker warme najaarszonnetje. In het midden van het kerkhof is het graf van Deken Thijssen. Ieder jaar rond deze tijd kunnen gelovigen daar bij elkaar komen om samen te bidden, voor Deken Thijssen, en voor alle levenden en niet meer levenden. Terwijl mijn moeder zich aansloot bij het groepje mensen rondom het graf liep ik een beetje rond, terwijl ik op de achtergrond kon horen hoe keer op keer het weesgegroetje werd herhaald. Hoeveel kraaltjes zitten er ook alweer op een rozenkrans? De zon scheen in mijn gezicht en de rode en gele bladeren van de bomen wiegden zachtjes heen en weer. En ik werd weer even geraakt. Niet door God, maar door al dat leven om me heen. De laatste tijd zit ik te veel met mijn hoofd in opdrachten en met mijn ogen gefixeerd op het beeldscherm van mijn computer. De eenvoud en rust op een begraafplaats doet altijd iets met me. Ik word er ook altijd even emotioneel van, en niet alleen maar omdat we als laatste een bezoek brachten aan het graf van mij vader. De naam van hem daar op die steen te zien staan maakte het alleen maar even concreet.

Nagedachtenisplicht gaat niet alleen maar over het verleden en de doden, maar zeker ook over wat er in jezelf leeft en voor jezelf belangrijk is. Zo was ik vergeten hoe vol ik me kan voelen en hoe leeg ik de laatste tijd ben. Moe om niks. En de oplossing is altijd weer even simpel als moeilijk. Gewoon iedere dag even naar buiten en een stukje wandelen.

Voor je het weet zijn ze groot

zaterdag 17 september, 2011

Ouders worden vaak gewaarschuwd om vooral niet te vergeten te genieten van de kinderen zolang ze nog klein zijn, want ‘voor je het weet zijn ze groot’. Maar zouden kinderen die waarschuwing niet net zo zeer moeten krijgen? Vanmiddag keek ik bij mijn moeder uit het raam neer op de struiken rond het pleintje voor de flat. Ik weet absoluut zeker dat ik daar vroeger vaak inkroop om me te verschuilen tijdens het verstoppertje spelen. Dat moet heel lang geleden zijn geweest toen ik nog heel erg klein was. De struiken komen nu amper tot mijn heupen, terwijl ik vroeger op mijn gemak tussen die struiken kon liggen met nog een heel bladerdek boven mijn hoofd. Zoveel ruimte boden die struiken om je te verstoppen. En de bomen op het grasveld waren een slechte keuze als je even snel in een boom wilde klimmen. Daar waren de bomen verderop veel geschikter voor omdat daar takken aan de stammen groeiden waar je zo op kon stappen. Maar de takken aan de bomen op het grasveld zijn helemaal niet zover buiten bereik als dat ik me kan herinneren. Een metertje of anderhalf boven de grond, meer kan het niet zijn. En dat enorme grasveld dat we moesten overbruggen om bij de andere goal te komen? Een metertje of vijftig, meer niet. Ik ben groot geworden voor ik er erg in had. Dat weet ik al heel lang natuurlijk, maar vanmiddag opeens meer dan ooit. Met mijn moeder tegenover me, in de stoel waar mijn vader altijd inzat. Die er niet meer is. Zijn spullen liggen nog beneden in de kelder, en we hebben er vanmiddag even samen doorheen zitten rommelen. Het blijft toch vreemd, dat iemand dood kan gaan, en dat dat echt betekent dat iemand niet meer terug zal komen. Alleen nog maar bestaand in je herinneringen, net als je eigen kindertijd.

Bij herhaling

donderdag 7 april, 2011

Laurel & Hardy: volmaakte herhalingMarinet Haitsma schreef op haar blog een erg leuk en herkenbaar stuk over herhaling. Mensen die steeds maar weer dezelfde grap maken. Beter dan haar kan ik niet uitleggen hoezeer dit vaak te maken heeft met onderlinge verhoudingen en posities tussen mensen. Zal ik hier dan ook niet gaan doen. Ik moest alleen meteen denken aan een ontmoeting met een klant, gistermiddag. Toen ik zei dat er beslist ook een foto op de nieuwe website moest komen van de werkplaats terwijl hij aan het werk was, kreeg ik als antwoord ‘Dat zal moeilijk worden’. Het waarom hiervan kreeg ik meteen te horen van de vrouw die naast hem aan tafel zat. Er wordt namelijk nooit gewerkt bij hun. Een grapje uiteraard. Op dezelfde manier heb ik mijn ouders ook steeds maar weer dezelfde grappen horen maken. Zij schoten dan gezellig samen in de lach, en ik zuchtte maar weer eens flink en keek een andere kant op. Het ergste was als ze zo’n opmerking plaatsten als er andere mensen in de buurt waren. Een gevoel van schaamte kwam dan over me, waarbij ik de anderen het liefst had willen uitleggen dat het een heel erg bekende grap was voor mij en dat dat verklaarde waarom ik mijn kaken van ergernis stijf op elkaar geklemd hield. ‘Hier hoor ik niet bij’ zei ik dan weleens om mij toch nog een houding te geven, maar dat was eigenlijk al net zo afgezaagd als de grap die eraan voorafging.

Ik zit zelf ook vol herhalingen. Misschien dat ik er daarom vaak zo’n hekel aan heb bij anderen. Steeds maar weer hetzelfde staat voor mij gelijk met domheid en starheid. Alleen maar herhaling en je kunt net zo goed dood zijn. Dat zegt niet veel goeds over mijzelf. Ik weet ook dat je op sommige punten alleen maar kunt bestaan bij herhaling. Anders zou je jezelf iedere dag opnieuw moeten uitvinden, en dat is ondoenlijk en ook onnodig. En een kunstenaar herhaalt zich net zozeer als de plantsoenwerker die voor ieder meisje dat langsfietst dezelfde opmerking in petto heeft. Het enige verschil is dat kunstenaars (maar zeker niet allemaal) moeite doen variatie aan te brengen in hun werk. Al zijn het dan vaak variaties op een (over)bekend thema. Als mens zijn we nu eenmaal zelf onderdeel van herhaling. De een na de ander wordt geboren en sterft. Allemaal hetzelfde en alleen op enkele punten iets van elkaar verschillend. Misschien is herhaling met hier en daar wat variatie de beste manier om een gelukkig leven te kunnen leiden, al lijkt me dat stomvervelend. En begerenswaardig. Wat dat betreft begrijp ik mezelf nog steeds erg slecht. Maar dat heb ik geloof ik al vaker gezegd.

Coca Cola en paprikachips

donderdag 15 juli, 2010

Met het WK voetbal kwamen ook herinneringen aan mijn vader terug. Meer dan eens heb ik hem in gedachten horen vloeken en naar de keuken zien lopen als Nederland weer eens een open kans liet liggen of niet vooruit te branden was. Tikkie terug, tikkie breed. Dan maar liever het Duitse voetbal, hoor ik hem nog zeggen. Het feit dat dit op het laatst uit zijn mond kwam wil heel veel zeggen. Daarvoor moest hij namelijk niks hebben van die Mannschaft. En ik dus ook niet. Zo vader zo zoon.

Tijdens voetbalwedstrijden, maar ook iedere zaterdagavond, kwamen er altijd twee flessen Coca Cola op tafel en een hele grote bak met paprikachips. Mijn vader en ik waren er dol op. Ik heb het dan over de tijd dat ik nog op school zat. Tijdens een of andere quiz uit die tijd of western begonnen we, en tegen tienen was alles op. Als dan op de Duitse zender Das Wort zum Sonntag begon zaten we zo vol met lucht dat de door de pastor langzaam uitgesproken Gedanken Gottes vergezeld werden door kleine scheetjes. Dat was dan het moment voor mijn moeder om zich even terug te trekken. Als ik er nu zo over nadenk geloof ik niet dat ik mijn moeder ooit ook maar één scheetje heb horen laten. Vrouwen kunnen dat niet. Of doen dat niet. Misschien dat mijn moeder het tijdens het fietsen deed. Dat zou kunnen verklaren waarom ze altijd sneller fietste dan wij.

Coca Cola en paprikachips. Het niveau van dit weblog begint aardig te dalen. Ik heb echt nog wel andere herinneringen aan mijn vader dan dit soort bijna platvloerse lolletjes. Ik zou heel hoogdravend iets kunnen vertellen over iets dat hij me geleerd heeft en dat mij in mijn leven geholpen heeft te worden wie ik ben. Iets met ethiek ofzo. Die dingen zijn er ook wel, maar zo’n belachelijk simpele herinneringen als die van onze zaterdagavonden, dat zijn toch het soort herinneringen waardoor ik me hem weer heel levendig voor de geest kan halen. Echt, mijn vader was zo’n ontzettend lieve man. Een echte scheet.

Pa: 1924-2009

zaterdag 28 november, 2009

Pa op bruggetje in SittardAfgelopen woensdagnacht is mijn vader overleden in het ziekenhuis in Sittard. Graag had hij nog even naar huis gewild om daar te kunnen sterven, maar dat zat er niet meer in. Zijn enige nier hield er helemaal mee op en na ons bezoekje aan hem op zondagavond is hij in slaap gevallen en niet meer wakker geworden. Toen ik hem dinsdagochtend weer zag wist ik het: dit worden zijn laatste dagen. Hij zag er absoluut niet meer uit als mijn pa zoals ik hem heb gekend. Wat voor me lag was nog slechts een omhulsel. Zijn mond hing scheef open en hij ademde snel en met een snurkend geluid. Voeding of vocht kreeg hij niet meer toegediend. Het was nog slechts afwachten tot hij zijn laatste adem uit zou blazen.

‘s Avonds laat ging ik naar huis terwijl mijn moeder bij hem bleef waken. De uren daarna waren onrustig, terwijl ik in mijn ouderlijk huis op de bank probeerde in slaap te vallen. Op een gegeven moment schrok ik wakker en zag het gezicht van mijn vader heel dicht bij dat van mij. Eerst waren zijn ogen nog gesloten, maar toen ging één ooglid plotseling omhoog en keek mijn vader me recht aan. Daarna schoot hij in de lach alsof hij me voor de gek had proberen te houden. Dit alles was zo intens dat ik op mijn mobiele telefoon keek hoe laat het was. 01.16 uur in de ochtend. Een half uur later belde mijn moeder me op dat vader rustig in zijn slaap overleden was, zo rond kwart over een.

Het is nu zaterdag. Maandag wordt hij begraven en op dit moment voel ik me eigenlijk heel rustig na alles wat er gebeurd is. Misschien veranderd dat de komende dagen nog wel, maar op dit moment heb ik er vrede mee omdat mijn vader nog zo oud is geworden en hij gestorven is zoals hij het altijd graag had gewild; in zijn slaap en zonder pijn te hebben hoeven lijden. Een van zijn sterkste eigenschappen was ongetwijfeld zijn vermogen om het leven – en de dood – te kunnen relativeren. Eigenlijk hield hij zich nooit zo met de dood zo bezig. Veel lachen vond hij belangrijk, en dingen waar je toch niks over te zeggen hebt moet je loslaten zei hij altijd. Zelfs toen ik me in het ziekenhuis nog druk zat te maken om onlogisch en traag handelen van de artsen, zei hij doodleuk: ‘Ach, de dood moet een oorzaak hebben’.

Klussen zoals hij kon, dat kan ik niet. Ook zijn geduld heb ik niet en soms ben ik te nadenkend en dan kan ik weleens een paar dagen somber zijn. Maar als ik ook maar iets van zijn levenshouding overgenomen heb dan ben ik daar heel blij mee. En zo niet, dan hoop ik dat dat alsnog naar boven zal komen de komende jaren.

22 november 2009

zondag 22 november, 2009

21 november 200926 oktober 2005 en 16 november 2006. Twee eerdere data waarop ik iets opmerkte over het opvallend warme weer van de laatste jaren. Gisteren was het opnieuw erg warm en zaten we op een terrasje in de zon en liepen we met de jas bungelend over onze arm door de winkelstraten van Oosterhout. Ik klaag niet want ik hou helemaal niet van de winter, maar normaal is het natuurlijk niet.

Na gisteren was het vandaag opeens weer erg koud. Zo voelde het tenminste, en dat zal voor een groot deel zeker komen doordat mijn vader weer in het ziekenhuis ligt. Vorige week vrijdag, nota bene op zijn verjaardag, werd hij na een half jaar opnieuw opgenomen voor dezelfde klachten. Zijn enige nier waar hij het zijn leven lang mee heeft moeten doen wil niet meer en hij is moe, heel erg moe. Daarbij komt nu nog die andere ziekte met die vervelende naam. Pijn heeft hij gelukkig niet, maar het lijkt alsof zijn lichaam hem nu langzaam in de steek aan het laten is.

Mijn vader houdt niet van de winter, en ik ook niet. Terwijl mijn moeder naar huis gebracht werd met de taxi en ik in het donker en in de koude wind aan de overkant van het ziekenhuis stond te wachten op de bus, kon ik hem zien liggen zoals we hem even daarvoor hadden achtergelaten: liggend onder 3 dekbedden met opdruk (Orbis Medisch Centrum), zijn ogen zwaar en zijn mond half open. Dan nog heel even wakker worden om ons uit te zwaaien (een hand die moeizaam heel even vanonder het dekbed verschijnt) en dan weer snel terug naar zijn slaap. Ik ben bang dat het nog een heel erg koude winter gaat worden.

Specialisten

donderdag 29 oktober, 2009

Een man belt aan om naar een lekkende regenpijp te komen kijken. Een belletje naar de woningbouwvereniging was voldoende. Een van de grote voordelen van huren boven kopen als je het mij vraagt. De man loopt met ladder achterom en kijkt waar de pijp lekt en gaat hem dan repareren. Zou je denken… maar de man belt een andere man die het zal moeten komen oplossen want zelf kan of mag hij dit niet. ‘Daar ga ik niet over’ hoor je dan. Ook bij woningbouwverenigingen werken tegenwoordig allemaal specialisten met ieder een eigen afzonderlijke taak. Het nadeel van huren boven kopen als je het mij vraagt. Een zelfstandig aannemer zou het probleem misschien ter plekke hebben weten op te lossen.

Afgelopen week moest mijn vader weer eens naar het ziekenhuis. Zijn nierfunctie is inmiddels dermate slecht dat hij aan de dialyse zal moeten. Hij is moe, lusteloos, misselijk, niks smaakt hem meer en soms zakt zijn aandacht opeens weg. Eigenlijk dezelfde symptomen als mijn kat Mickey had en dus zal er snel iets aan gedaan worden. Zou je willen… want eerst moet hij naar het ziekenhuis voor een nieuw bloedonderzoek. Daarna nog een keer terugkomen voor de uitslag. Dan nog een afspraak voor een echo en een paar dagen later met de chirurg. Om een nierdialyse te kunnen ondergaan moet er namelijk eerst een ‘shunt’ aangebracht worden onder de huid; een operatief aangebrachte rechtstreekse verbinding van een slagader met een ader. Maar verwacht niet dat dat die dag dan ook meteen zal gebeuren. De afspraak met de chirurg is hoogstwaarschijnlijk alleen maar een consult om de uitslagen te bespreken van eerdere onderzoeken. Daarna kan pas de definitieve afspraak gemaakt worden voor de operatie. Als er niet eerst nog gewacht moet worden op de mening van nog een andere deskundige.

Met betrekking tot specialisme moest ik aan de volgende passage denken uit het boek Zen en de Kunst van het Motoronderhoud van Robert Pirsig (1974) over het het griekse woord aretê, hetgeen ‘voorstreffelijkheid’ betekent: ‘Daarom is de held van de Odyssee een groot strijder, een gewiekst strateeg, een behendig spreker; kan hij zowel boten bouwen als zeilen, hij kan een jong praalhans verslaan op de discus, een os slachten, villen en braden en wordt tot tranen toe bewogen door een lied. Hij is kortom een voortreffelijke complete mens; hij bezit buitengewone aretê. Dit aretê houdt respect in voor het volkomene en enige van het leven, en daaruitvolgend een afkeer van specialisatie. Het houdt geringschatting in voor doelgerichtheid – of liever, een veel hoger begrip van doelgerichtheid, namelijk niet gebonden aan één onderdeel van het leven, maar aan het leven zelf.’

Nu weet ik niet of ik zit te wachten op een chirurg die het leuk vind in zijn vrije tijd aan auto’s te sleutelen of horrorverhalen te schrijven, maar iets allrounder zouden mensen wel mogen zijn. Handig voor de mens zelf, alsook voor degene die afhankelijk is van iemand anders zijn kunnen. Een chirurg die niet alleen maar adertjes aan elkaar knoopt maar ook een echoscopie kan uitvoeren en je na afloop ook weet te vertellen of je nu wel of niet zout op je frietje mag strooien. Het zou de kosten van onze gezondheidszorg een flink stuk omlaag kunnen brengen en het leven – in dit geval van mijn vader – heel wat aangenamer kunnen maken.

De smaak van appels

dinsdag 21 juli, 2009

Henry Allingham, Harry Patch en Bill Stone (foto: GettyImages)Henry Allingham, Harry Patch en Bill Stone waren een tijdlang de oudste nog levende veteranen die de Eerste Wereldoorlog nog meegemaakt hadden. Harry Patch is nu, met zijn 111 jaar, na het overlijden van Bill Stone (108) en Henry Allingham (113) de oudste nog levende herinnering aan die tijd. Je zou bijna zeggen dat oorlogen goed zijn voor het bereiken van een zeer hoge leeftijd, als je zo’n oorlog tenminste overleeft.

Eerder schreef ik al iets over dit soort ooggetuigen van een andere tijd en dat ze veel meer zijn dan alleen maar een levende herinnering aan een oorlog van bijna een eeuw geleden. Toen ik onlangs op bezoek was bij mijn ouders begon mijn vader weer eens wat te vertellen over vroeger, en dit keer ging het over de smaak van appels. Of beter gezegd de afwezigheid van die smaak, want welke appel hij ook koopt op de markt, geen enkele heeft die volle smaak zoals hij zich die kan herinneren van vroeger. En de reden hiervoor is volgens hem het verdwijnen van hoogstam.

Na even op internet wat gezocht te hebben op ‘hoogstam’ blijkt dat er tegenwoordig weer subsidie gegeven wordt op het planten van hoogstam fruitbomen, hoewel ik het idee krijg dat dit meer te maken heeft met behoud van landschapsbeeld dan met de betere smaak van het fruit. Maar zelfs al zou hij binnenkort weer appels kunnen eten afkomstig van hoogstammige fruitbomen, ik geloof niet dat hij het verschil nog zal merken, want hij geeft zelf al aan dat de laatste jaren de smaak hem aan het verlaten is. Eerst het gezichtsvermogen, dan het gehoor, dan de reuk en smaak. Uiteindelijk verdwijnt toch alles.

Keuzemenu

vrijdag 3 juli, 2009

Smeltend ijsjeJe hoort wel eens dat het beter is om kinderen een paar keuzemogelijkheden te geven in plaats van op gebiedende wijs te zeggen wat ze wel of niet mogen doen. Als ze een keuze kunnen maken uit een aantal opties hebben ze het gevoel dat ze zelf nog iets in de pap te brokkelen hebben en dat wat ze uiteindelijk gaan doen hun eigen keuze is geweest. Slim bekeken van die psychologen. En wordt trouwens ook in de politiek toegepast als er ‘harde keuzes’ gemaakt moeten worden maar men wil ‘het volk’ laten kiezen. Maar je kunt ook de verkeerde keuzes aanbieden.

Vanmiddag wandelde ik door de stad en voor mij stapte een vrouw van haar fiets met achterop een sip kijkend jongetje. ‘Stop nu eindelijk eens met zeuren!’, zei ze tegen hem. ‘Nou, wat wil je dan? Brinta of een ijsje?’. Wat is dat nu voor keuze voor een kind? Dertig graden in de schaduw en een luchtvochtigheid van 98%! Wie kiest dan niet voor een ijsje? Ik denk dat die moeder iets niet helemaal begrepen heeft, of het betreft een hoogbegaafd kind dat op een slimme manier zijn moeder het idee heeft gegeven dat hij brinta net zo lekker vindt als een ijsje. Het enige voordeel van brinta is dat het niet smelt.

Zeventien treden

donderdag 25 juni, 2009

Ooit stond hij voor het eerst op eigen benen en zette hij zijn eerste pasjes. Daarna groeiden zijn voeten, werden zijn benen langer en kon hij grotere stappen zetten. De stappen werden sprongen, het lopen werd rennen, en bovenop die benen stond een romp die met gemak twee zakken steenkolen van elk vijftig kilo kon dragen.

Dat ging zo een hele tijd door totdat het lopen opeens moeizamer begon te gaan. Om toch nog wat in beweging te blijven werd de fiets het favoriete vervoermiddel en konden afstanden nog in kilometers worden uitgedrukt. Maar inmiddels wordt er bij mijn ouders thuis niet meer gesproken in kilometers maar in treden. Zeventien treden om precies te zijn, van de begane grond tot aan de voordeur van de flat. En die zeventien treden worden niet meer met sprongen genomen maar stap voor stap. Steeds moeizamere stappen.

Er zijn mensen die zeggen dat ouder worden leuk is, maar ik moet het nog zien. Als ik zie dat mijn vader nu zelfs moeite heeft met het opendraaien van het deksel van een potje jam, dan vind ik dat toch niet echt een prettig gezicht. Maar we zullen wel zien, want ik wil wel oud genoeg worden zodat ik zelf kan beoordelen of het meevalt of niet. Ook al moet ik de laatste meters stap voor stap afleggen.

  • Mans de Jong Eindhoven Airport Ruth Peetoom Nieuwjaarsreceptie CDA Brabant Ruth Peetoom Ruth Peetoom Henk Bleker Henk Bleker Benefiet voor Erwin Vermeulen