Slaapverwekkend voetbal
Ik weet niet wat het is dit jaar met dat voetballen. Of met mij. Van alle wedstrijden die ik tot nu toe heb gezien heb ik er niet een helemaal kunnen afkijken zonder erbij in slaap te vallen. Zelfs bij de wedstrijd van Nederland tegen Brazilië heb ik het tweede doelpunt van Wesley Sneijder moeten missen. En vanmiddag, tijdens die prachtige wedstrijd van Duitsland tegen Argentinië, heb ik van de vier doelpunten er maar één live meegemaakt. De rest van de tijd lag ik te dutten.
Mijn vader en ik keken vroeger altijd samen naar het voetballen. Op zaterdag werd er om zes uur altijd gekeken naar Die Sportschau op de ARD, en op zondagavond om half acht was er natuurlijk Studio Sport. Het WK van ’74 kan ik me nog goed herinneren. Ik was toen elf. Een jaar later kreeg mijn vader zijn eerste hartinfarct. Die twee feiten hebben natuurlijk niks met elkaar te maken. Mijn vader werd daarna wel een stuk minder fanatiek tijdens sport op tv. En als de spanning hem eens te veel werd zette hij altijd even een andere zender op, en schakelde dan steeds even terug om te kijken of er al iets veranderd was aan de stand. Nog later liet hij wedstrijden zelfs helemaal schieten en ging dan veel liever een stukje fietsen. En nog later, in het jaar van zijn dood, sukkelde hij altijd in slaap voor de tv.
Ik ga er voor het gemak even vanuit dat ik zelf nog niet bezig ben aan het laatste jaar van mijn leven. Dus dan moet het de combinatie zijn van de warmte en mijn leeftijd. En dat zou weleens kunnen kloppen. Hoe meer ik kijk en luister naar de nabeschouwingen, naar de blikken terug in de tijd, er namen vallen van voetballers van weleer, hoe meer ik ontdek dat ik velen daarvan ken. ‘Voor de veertig-plussers onder ons…’, en ‘Zij die de finale van ’74 bewust hebben meegemaakt weten dat…’. Eigenlijk heb ik al een heel leven achter de rug. Geen wonder dat ik soms in slaap sukkel op de bank. Ook nu zou ik best weer even een dutje kunnen doen voel ik. Komt mooi uit, want Spanje-Paraguay is net bezig.









