Suikerpinda’s en voetbal

zaterdag 4 september, 2010

Suikerpinda's en voetbalHet kan zomaar gebeuren dat een droom je naar herinneringen voert waarvan je niet wist dat je die nog had. Zo leidde de droom van vannacht me na het wakker worden naar een witte papieren zak vol suikerpinda’s. Hmmm, heerlijk. Vooral wanneer vers gebrand. Als kind een van mijn favoriete lekkere dingen om te snoepen tijdens een film op tv. Totdat ik ergens las dat er wel heel erg veel suiker en vet inzit en dat je je tanden er behoorlijk op stuk kunt bijten. Dat laatste lukt me nu overigens ook met dropjes en groentjes. Tijdens de afgelopen vakantie brak er weer een stukje van een kies af tijdens het lekker kauwen op zo’n fris plakkerig groentje met mentholsmaak. Ik ben gek op van die dingen. Groentjes, wybertjes, pottertjes. Eén à twee van die dingen zorgt voor een frisse smaak in je mond en zacht voor je keel. Dat heb ik nooit begrepen. Liefst eet ik ze met een handvol tegelijk. Een doosje wybertjes is bij mij altijd binnen tien minuten leeg. Jammer dat ze bij het Kruidvat die jumbodozen niet meer verkopen waar ik mijn tong in kon leggen zodat ik meteen een mondvol wybertjes tot me kon nemen.

Ik dwaal een beetje af. Het begon namelijk met die herinnering aan suikerpinda’s. Daarna moest ik denken aan de zondagmiddagen die ik samen met mijn pa doorbracht achter het huiskamerraam. Onze stoelen een kwartslag gedraaid, voeten op de vensterbank, een pot dropjes bij de hand, keken we omstebeurt door de verrekijker naar het voetbalstadion van Fortuna Sittard. Toen lag het stadion nog midden in de stad naast onze flat, was het stadion nog niet zo groot en ook nog niet zo afgesloten als nu. Bezoekers zag je via de trap aan de buitenkant naar boven klimmen en vervolgens over de rand van de tribunes weer verdwijnen. Aan de linkerkant stond het scorebord. Als er gejuichd werd keken we met de verrekijker naar het figuurtje dat naar boven klauterde en konden we zien aan welke kant er een bordje verwisseld werd. Dan wisten we, links is een doelpunt voor Fortuna, rechts voor de tegenstander. Zo hielden we de stand bij terwijl we comfortabel in onze stoelen zaten en vooraf en achteraf ook nog eens konden genieten van al die mensen die via het paadje achter onze flat weer terugliepen naar hun auto’s. De meeste fans waren mannen, maar soms liep er ook weleens een vrouw tussen. Mutsen en sjaals in de kleuren van de clubs. Meer was er toen nog niet te koop aan fanartikelen. En vuvuzela’s al helemaal niet. Het enige geluid dat er destijds gemaakt werd in de stadions was afkomstig uit de kelen van de fans. ‘Hi ha hondelul’. Een van de eerste ‘shocking’ dingen die er geroepen werden. Verder hoorde je, als je zelf een van de bezoekers was, alleen maar het ‘Boe’ en ‘Ah’ van de andere fans, én het gekraak van vele witte papieren zakjes vol suikerpinda’s. Het enige dat er te koop was en aangeboden door dames met houten bakken voor hun lichaam vol met van die zakjes. Dat was ook het beeld dat ik voor me had vanochtend en waarom ik het wel leuk vond dit stukje op mijn site te zetten. Het had ook korter gekunnen, maar een bal zwaait ook weleens af en een pass is nooit helemaal perfect.

klikken voor groter plaatje of extra pagina Mickey’s verjaardag

donderdag 29 juli, 2010

Mickey?Vandaag zou Mickey, dat allerliefste katje van me, 11 jaar oud geworden zijn. Ware het niet dat stomme pech zijn deel werd. Heel regelmatig moet ik nog aan hem denken, en zeker toen ik twee weken geleden in Antwerpen, half verscholen achter een glasgordijn, een evenbeeld van hem zag zitten. Precies dezelfde houding, eenzelfde soort rugtekening, en als je goed kijkt zelfs met een snorretje. Hij heeft zich niet helemaal aan mij getoond en daarom blijft die treffende gelijkenis zo sterk in mijn geheugen hangen. Ik zou bijna zeggen dat het hem gewoon was, echt. Als twee druppels water. Datzelfde heb ik trouwens ook soms met oudere mannen op een fiets. Kaal, grijs overhemd, beige broek. Klein van stuk en langzaam peddelend op de pedalen. Het zou zomaar mijn vader hebben kunnen zijn die ik daar zag fietsen. Echt, als twee druppels water.

Coca Cola en paprikachips

donderdag 15 juli, 2010

Met het WK voetbal kwamen ook herinneringen aan mijn vader terug. Meer dan eens heb ik hem in gedachten horen vloeken en naar de keuken zien lopen als Nederland weer eens een open kans liet liggen of niet vooruit te branden was. Tikkie terug, tikkie breed. Dan maar liever het Duitse voetbal, hoor ik hem nog zeggen. Het feit dat dit op het laatst uit zijn mond kwam wil heel veel zeggen. Daarvoor moest hij namelijk niks hebben van die Mannschaft. En ik dus ook niet. Zo vader zo zoon.

Tijdens voetbalwedstrijden, maar ook iedere zaterdagavond, kwamen er altijd twee flessen Coca Cola op tafel en een hele grote bak met paprikachips. Mijn vader en ik waren er dol op. Ik heb het dan over de tijd dat ik nog op school zat. Tijdens een of andere quiz uit die tijd of western begonnen we, en tegen tienen was alles op. Als dan op de Duitse zender Das Wort zum Sonntag begon zaten we zo vol met lucht dat de door de pastor langzaam uitgesproken Gedanken Gottes vergezeld werden door kleine scheetjes. Dat was dan het moment voor mijn moeder om zich even terug te trekken. Als ik er nu zo over nadenk geloof ik niet dat ik mijn moeder ooit ook maar één scheetje heb horen laten. Vrouwen kunnen dat niet. Of doen dat niet. Misschien dat mijn moeder het tijdens het fietsen deed. Dat zou kunnen verklaren waarom ze altijd sneller fietste dan wij.

Coca Cola en paprikachips. Het niveau van dit weblog begint aardig te dalen. Ik heb echt nog wel andere herinneringen aan mijn vader dan dit soort bijna platvloerse lolletjes. Ik zou heel hoogdravend iets kunnen vertellen over iets dat hij me geleerd heeft en dat mij in mijn leven geholpen heeft te worden wie ik ben. Iets met ethiek ofzo. Die dingen zijn er ook wel, maar zo’n belachelijk simpele herinneringen als die van onze zaterdagavonden, dat zijn toch het soort herinneringen waardoor ik me hem weer heel levendig voor de geest kan halen. Echt, mijn vader was zo’n ontzettend lieve man. Een echte scheet.

klikken voor groter plaatje of extra pagina Begraafplaatsen

maandag 10 mei, 2010

Graf van opa en omaGisteren met mijn moeder naar de begraafplaats geweest in Sittard. Na het overlijden van mijn vader op 25 november van afgelopen jaar was ik er niet meer geweest. Omstandigheden, en meer van dat soort dingen. Binnenkort wordt echter het graf van de ouders van mijn moeder opgeheven. Of hoe zeg je dat. De ‘ligtijd’ loopt af? De ‘bewaartijd’? In elk geval zal het graf na vijfentwintig jaar verdwijnen en komt de plek vrij voor iemand anders. Zelfs de doden moeten plaats maken voor opvolgers.

Tijdelijke steen op het graf van mijn vaderIets verderop ligt het graf van mijn vader. Het is zo’n nieuw type graf. Geen grafsteen meer die het hele graf bedekt, maar een kleine rechtopstaande steen met daarvoor wat gras. Alleen is die steen nog niet klaar en dus ligt er nog steeds een tijdelijke stenen plaat met daarop in witte plakletters de naam van mijn vader. En eigenlijk vind ik dat wel heel mooi zo. Geen ‘rust zacht’ of iets dergelijks, geen data van geboorte en overlijden. Alleen maar de naam. En met een beetje inspanning kon ik hem zien liggen, zo’n anderhalve meter onder de grond, zoals ik hem toen ook heb zien liggen in het mortuarium.

Ik hou van begraafplaatsen, en als er een in de buurt is en ik heb wat tijd over loop ik er altijd wel even overheen. Zelfs als kind vond ik het al een fascinerende plek. Als mijn ouders dan bezig waren met het schoonmaken van een of ander graf ging ik meestal even op onderzoek uit. Als een kleine archeoloog tussen al die stenen doorlopend, zoekend naar de oudste, de langstgeleden overledene. Vaak ging ik ook niet mee, maar dat kwam dan door omstandigheden. Voetballen en meer van dat soort dingen.

Ik zou er best wel willen werken, op zo’n begraafplaats. Weg van die gekke wereld van de levenden, weg van alle drukte. De dood roept tenminste niet constant om aandacht en het is er altijd lekker stil. Zelfs de vogels lijken zich er meer op hun gemak te voelen. Alleen denk ik niet dat er vaak vacatures voor zijn. Behalve voor begrafenisondernemingen valt er weinig geld te verdienen aan de doden. Of je moet toevallig Elvis Presley of Michael Jackson heten. Maar dan is het met die rust ook snel gedaan.

klikken voor groter plaatje of extra pagina Nalatenschap (2)

zondag 21 februari, 2010

Een échte TDe nalatenschap van mijn vader begint te groeien. Had ik al iets verteld over het vele gereedschap dat ik van hem heb georven, inmiddels heeft mijn moeder me ook al wat van zijn sokken en zakdoeken aan de hand gedaan. Sokken gaan vaak van maat tot maat, bijvoorbeeld van maat 39 tot 42, en dat komt goed uit. Ik heb namelijk 42 en mijn vader had 39. En zijn zakdoeken – uiteraard kreukvrij gestreken – komen ook altijd van pas. Sommigen met een mooie geborduurde letter ‘T’ in een hoek, de ‘T’ van Tummers. Dat krijg je als je, net als mijn vader, vaak in het ziekenhuis hebt moeten liggen en nog van de oude stempel bent. Dan worden kleding en andere bezittingen van tevoren gemerkt zodat er geen onduidelijkheid kan ontstaan wat van wie is. Tegenwoordig ligt men echter meestal alleen op een kamer, dus dat brandmerken is niet meer zo nodig.

‘Hoe ouder ik word, hoe meer ik op mijn vader begin te lijken’. Ik weet niet meer wie ik dit ooit heb horen zeggen, in een boek, film of op het toneel. Maar het is waar. Nu hij er niet meer is en ik wat van zijn ruimte opvul als ik op bezoek ben bij mijn moeder, merk ik steeds vaker aan mijn houding en mijn gebaren hoezeer ik in bepaalde opzichten op hem lijk. Nog meer nalatenschap. En een paar dagen geleden, tijdens wat zelf ingesproken proefjes voor de stemhulp voor blinden, moest ik even hoesten en het was alsof ik mijn vader hoorde. Hetzelfde korte kuchje. Gelukkig heeft dat kuchje niks te betekenen. Als ik ook zijn leeftijd van 85 jaar zal erven ben ik meer dan tevreden.

Herinnerde leeftijd

dinsdag 16 februari, 2010

Ik liep vandaag langs het bidprentje van mijn vader en pakte het weer eens op om de foto te bekijken. Tegenwoordig betekent dat dat ik over de rand van mijn bril moet kijken, anders krijg ik het beeld niet scherp. Een bidprentje is maar klein en dus hield ik het dicht bij mijn gezicht en keek mijn vader recht in zijn ogen. Wat vreemd, dacht ik, dat ik me hem niet meer kan herinneren van hoe hij eruitzag toen hij jonger was. Als ik aan hem denk zie ik hem voor me zoals hij was in het laatste jaar van zijn leven. Veel langer geleden, toen ik nog een jaar of zes, acht, twaalf, zestien was, heeft hij er heel anders, veel jonger uitgezien. Dat weet ik en dat kan ik bevestigen met foto’s die ik van hem. Maar zonder die foto’s kan ik nauwelijks een goed beeld terughalen van hoe hij vroeger was.

lees verder »

klikken voor groter plaatje of extra pagina Nalatenschap

zaterdag 30 januari, 2010

Een deel van de nalatenschapJ.D. Salinger laat een aantal hele mooie boeken na en naar misschien zal blijken nog wel veel meer waarvan we nu nog geen weet hebben. Mijn vader laat op zijn manier ook heel wat na, in zijn geval in de vorm van een kelder vol gereedschap en materialen. Van de helft weet ik nog niet eens waar het allemaal voor dient. De zaagtafel en de hout- en ijzerdraaibank op de voorgrond heeft hij bijvoorbeeld zelf gemaakt. Zomaar even aanzetten en gebruiken is er daarom niet bij, niet zonder gebruiksaanwijzing. En die gebruiksaanwijzing zat in zijn hoofd en is met hem begraven op een heuvel in Sittard. Meer dan eens heeft hij me proberen uit te leggen waar dat ene door hemzelf verzonnen en gefabriceerde onderdeeltje voor diende. Ik luisterde echter maar nauwelijks. Ik had op dat moment mijn eigen interesses of ik dacht ‘Ja pa, leg me dat later nog maar eens een keertje uit’. Maar ook al zou ik die machines nooit kunnen gebruiken, er ligt nog zoveel in die kelder waar ik straks nog heel veel plezier van zal gaan hebben. Behalve dan van zijn stofjas, aan dat haakje aan de deur. Die is mij helaas een maatje te klein.

Een zak vol pillen

maandag 14 december, 2009

Niet alleen maar dieren krijgen onnodig veel medicijnen toegediend, ook mensen. Mijn moeder is inmiddels begonnen met het langzaam opruimen van spullen die met mijn vader te maken hebben en die echt weg moeten. De kelder vol gereedschap heeft geen haast, daar ga ik in de loop van de tijd zelf eens in neuzen, maar de medicijnen die mijn vader gebruikte moesten maar eens naar de apotheek gebracht worden. Het werd een grote plastic zak vol met pillen, crèmepjes en drankjes. En de volgende dag vond mijn moeder nog meer pillen die ze de eerste keer over het hoofd gezien had. Iedere arts die mijn vader gekend heeft gaf zijn eigen recepten af, en ik geloof niet dat er nog iemand in het ziekenhuis rondliep die daar een goed overzicht over had. En op het laatst, een paar dagen voor zijn dood, kreeg hij daar bovenop nog flink wat anti-biotica toegediend vanwege een vermoede infectie. Al die medicijnen, je zou er goed ziek van kunnen worden…

Nasleep

vrijdag 4 december, 2009

Na een begrafenis ben je nog niet klaar met de overledene. Veel zaken moeten dan nog geregeld worden en Dela helpt daarbij. Zelf noemen ze deze nasleep nazorg en daar hebben ze een apart mannetje voor. Dit keer was het een in een afgrijselijk netjes pak gehesen man met zoveel after-shave op dat ik er onpasselijk van werd. Aan de dood zit een luchtje, maar bij Dela overdrijven ze. Ze zullen wel denken dat iemand op die manier prettig en geruststellend overkomt bij de nabestaanden. Maar zo werkt dat dus niet, zeker niet bij mij.

Op de laptop van de man van de Dela stond een lijstje met dingen waar je als nabestaande misschien aan zou moeten denken. Daarbij ook zaken die hij zelf niet moest vergeten, zoals vragen of de dekking en dus de premie niet verhoogd zou moeten worden, en of er niet al gekeken moest worden naar een grafsteen (met kortingsbon!) via een bedrijf waar Dela deals mee gesloten heeft. Dela denkt echt aan alles.

klikken voor groter plaatje of extra pagina Zon onder, zon op

donderdag 3 december, 2009

Zonsopgang, 30 november 2009Mijn vader hield van de zon en van warmte. De winter met zijn kou en regen vond hij daarentegen maar niks. Daarom hield hij ieder jaar vanaf 21 december, als een soort mentaal opstekertje, dagelijks de tijden van zonsopkomst en zonsondergang bij. Om hem hierbij te helpen stuurde ik hem afgelopen jaar per post een A4′tje toe met een overzicht van de exacte tijden voor het hele jaar. Stom van me natuurlijk, want het plezier zat voor hem juist in iedere ochtend even op teletekst kijken hoeveel minuten daglicht er die dag weer bij kwamen.

Afgelopen maandag scheen ‘s ochtends, na een aantal dagen met veel regen en wind, de zon al vroeg door de glasgordijnen voor de ramen. Het werd een prachtige dag, ook al was het de dag van zijn begrafenis. Ik weet dat altijd gezegd wordt over de dood dat het ook het begin is van iets nieuws, en ook al weet ik nog niet precies wat dit nieuwe zal gaan inhouden, die dag voelde ik het heel duidelijk: het afscheid en het welkom, heel dicht bij elkaar. Ik zeg niet dat ik nu iets begrijp van de dood, maar de dood heeft volgens mij wel veel meer met licht te maken dan met donker, meer met warmte dan met koude, meer met zon dan met nacht, meer met leven dan met dood.

?>
AWSOM Powered