Antwoord van de C1000

donderdag 12 augustus, 2010

Naar aanleiding van De missie en visie van de C1000:

C1000 hecht voor al haar producten grote waarde aan een goede kwaliteit. Wat de betreft de inkoop van al onze producten, ook in de actie, doen wij geen concessies ten aanzien van de kwaliteit. De vleesproducten die wij in deze actie voor een zeer scherpe actieprijs kunnen aanbieden, voldoen dan ook aan al onze gebruikelijke eisen. Wij willen onze klanten altijd laten zien dat ze bij C1000 terecht kunnen voor goede producten tegen een goede prijs. En daarom doen wij ook dergelijke acties.

Dit sluit goed aan bij een reactie van iemand op een poll in het Brabants Dagblad over deze kiloknallers: ‘Als ik een flinke homp vlees op mijn bordje heb, wil ik helemaal niet bezig zijn met de vraag of het dier in de watjes lag of in de stront. Ik wil gewoon goed en goedkoop vlees, meer niet’. Vertaald naar de de instelling van de C1000 (en andere supermarkten) betekent dit: ‘Als de consument een flinke homp vlees op zijn bordje wil zonder zich af te vragen of het dier in de watjes lag of in de stront, dan leveren we hem dit. Ons interesseert dit namelijk ook niet. Wij leveren gewoon zo goed en goedkoop mogelijk vlees, meer niet’.

De missie en visie van de C1000

woensdag 11 augustus, 2010

Ieder bedrijf heeft een missie en een visie. Beweert men. En dat wat men beweert is vaak niet wat men beoogt. De C1000 stelt op haar website dat zij de klant tijd en gedoe wil besparen door zo snel, efficiënt en goedkoop mogelijk boodschappen te doen waarbij de prijs-kwaliteitverhouding optimaal is. Dat lukt ze niet helemaal. Zojuist heb ik onnodig veel nutteloze tijd verkwist aan het sturen van een e-mail naar de klantenservice in verband met dat gedoe rond die kiloknallers. Het enige dat knalt namelijk zijn de te snel opgeblazen kilo’s van de vleeskuikens. Ik heb ze dus gevraagd een supermarkt te worden met een échte missie en een échte visie, in plaats van dat barbaarse gedoe met goedkoop vlees. Ik vrees echter dat dit gedoe van mij een volkomen verspilling was van tijd en energie. Nee, dat weet ik wel zeker. Maar wat de consument wenst zal de consument krijgen. Net nog, in de rij voor de kassa van mijn eigen supermarkt, de EMTÉ, werden verschillende voordeelpakken vlees door een klant voor mij op de rolband gelegd. Dan sta ik een beetje moedeloos te kijken terwijl ik demonstratief mijn pakje met stukjes Quorn en mijn eko-eitjes zo dicht mogelijk tegen het plankje ‘volgende klant’ schuif. Volkomen nutteloos, ik weet het. Maar ik ben toch ook een consument?

Het vertrouwde beeld

zaterdag 5 juni, 2010

Mensen houden het liefst van altijd en alles hetzelfde. Ik ook, ergens. Daarom duurt het bij mij ook lang voor er dingen veranderen. Hoe dieper het verlangen naar hetzelfde, hoe langer het duurt. Zo heb ik mijn levenlang het liefst aan de kant gestaan, of achteraan, of liever maar helemaal thuis. Naar buiten, naar voren, dan wist ik het al gauw niet meer. Daar moest ik even aan denken toen ik vandaag ik in de binnenstad van Tilburg stond met een stapeltje flyers in mijn hand. Hallo mevrouw, hallo meneer. Alstublieft mevrouw, alstublieft meneer. En als er nu maar niemand een discussie met me aangaat. Totdat dat gebeurde en ik – uiteraard – prima in staat bleek duidelijk te maken waarom ik zelf op de Partij voor de Dieren ga stemmen. En waarom ook niet? Ik was bang van niet, omdat dat het vertrouwde beeld was, herkenning, verwachting, self fulfilling prophecy. Maar het kan altijd anders. Ook in de politiek.

En daar sta je dan, temidden van winkelend publiek. En toen ging ik toch weer even twijfelen, want ook dat is zo’n vertrouwd beeld: die geplastificeerde blik in de ogen van veel mensen, die houding van ‘je doet me toch niks’. Amper een hand vrij om überhaupt een flyertje aan te kunnen nemen. Te druk met bellen, ijsje likken, kroketje happen. Opmerkingen die ik een paar jaar geleden echter wel nog regelmatig te horen kreeg bleven nu achterwege, zoals ‘Het moet niet gekker worre’ of ‘Weg met de dieren!’. Dat heeft de partij dan toch maar vast bereikt. Maar voor de rest? Ik moet bekennen dat ik tijdens die paar uur weleens moest denken aan het woord ‘hersenbeschadiging’. Ik weet het, dat mag ik niet doen ten aanzien van mijn medemens. Ik schaam me dan ook diep ;), maar soms weet ik niet hoe ik veel gedrag anders zou kunnen verklaren.

klikken voor groter plaatje of extra pagina Gratis hapje vlees

maandag 17 mei, 2010

Barbecuevlees‘Wilt u een stukje vlees meneer?’. Het is duidelijk dat ze me nog nooit ontmoet heeft, dit alleraardigste roodharige (maar niet van eigen) meisje met schort. Die afgelopen zaterdag in de binnenstad met rode wangetjes voorbijgangers trakteerde op een gratis stukje bijna aangebrand vlees met veel knook. Ergens op deze website zwerft nog een foto van de etalage van de vleeshandelaar waar dit meisje werkt en waar ik altijd onpasselijk wordt van de zware en vettige lucht die er uit de winkel komt. Ik bedankte dus voor haar aanbod maar voegde er meteen aan toe dat ik wel even een foto van haar wilde maken. ‘Oh wat leuk!’ zei ze, en vroeg zich helemaal niet af waarom ik een foto van haar wilde maken. Mijn weerzin tegen dat vieze vlees, gecombineerd met dat onschuldige en een en al vriendelijkheid uitstralende jonge gezicht van dat meisje. Weet zij ook veel. Ze werkt gewoon bij een slager, meer niet.

Perplex

woensdag 5 mei, 2010

Kun je alleen maar perplex staan of je ook voelen? Volgens mij kan het allebei. Toen ik bij de slijter vanmiddag nog snel even een flesje wijn stond uit te kiezen kwamen een man en vrouw met hun dochtertje de zaak binnen. Terwijl ik nog steeds de prijzen en etiketten aan het vergelijken was van de wijnflessen, gingen ze gedrieën rechts van me staan. De man pakte een kartonnen koker met whiskeyfles uit het schap (à 50 euro), liet hem nog even aan zijn vrouw zien en stoptte hem daarna meteen in de ruime binnenzak van zijn jas. Het dochtertje van een jaar of vijf stond tussen hen in en keek omhoog naar haar vader. Daarna liepen ze weer snel de winkel uit. Vader voorop en moeder met dochtertje op een paar meter afstand er achteraan.

Dat was het. Ze kwamen en waren zo weer weg. Het ging zo snel en zo vanzelfsprekend dat ik niet eens kon reageren. Wat zullen ze thuis tegen elkaar en hun kind hebben gezegd? Kom, we gaan nog even een fles whiskey jatten bij de Gall en Gall? Of zullen ze het tegenover hun dochtertje toch ‘winkelen’ hebben genoemd?
Zelfs toen ik ging afrekenen heb ik er niks meer van gezegd tegenover de verkoper. Dat vond ik niet meer kunnen. Hopelijk ben ik een volgende keer niet meer zo perplex.

De zatlap en de zakenman

dinsdag 23 maart, 2010

Het zou een mooie titel kunnen zijn voor een boek of film. In werkelijkheid was het een klein voorvalletje in de supermarkt. Een slonzig geklede en overduidelijk dronken man stond te wachten bij de kassa. Achter hem stond een man in driedelig pak en met glanzende zwarte schoenen en met een enorme krabpaal in zijn armen. Ik keek achterom naar de rij met kattenvoer, op zoek naar nog meer krabpalen, maar zag alleen maar zakken met kattenvoer. De dronkaard maakte er een opmerking over waarop de keurig geklede man antwoordde dat hij dat ding altijd bij zich droeg, waar hij ook naartoe ging. Gedurende een vijftal minuten kletsten en grapten de twee lekker door en namen voorbij de kassa afscheid van elkaar alsof ze elkaar al jaren kenden.

Citylights van Chaplin schoot even door mijn hoofd vanwege de vriendschap tussen de zwerver en de miljonair, en ook een aflevering met de Vieze Man die ik in gedachten voor me zag maar die in werkelijkheid nooit gemaakt is: ‘Lekker hè, zo’n krabpaal!’. Het was zo mooi om te zien dat ik helaas hun gesprekje zelf niet meer gevolgd heb. De dronken man met lang grijs haar en de man in pak met glad achterover gekamd haar, minstens twee koppen groter. Alsof er even een scheurtje was ontstaan in de gangbare manieren van contact tussen gangbare groepen mensen.

Nog een scheurtje: De gek.

Fietsendief gezocht

dinsdag 2 februari, 2010

Daar zat ik op een gegeven moment toch echt aan te denken, alleen ken ik persoonlijk geen fietsendieven. Het had me een hoop werk kunnen schelen.

Bij het winkelcentrum waar ik altijd mijn boodschappen doe had ik mijn fiets zoals gewoonlijk vastgezet met twee sloten. Het gewone beugelslot en verder nog met een kabel aan het fietsenrek. Extra zekerheid kan geen kwaad, alleen heel vervelend als dan de sleutel van het kabelslot afbreekt en je de fiets niet even mee naar huis kunt nemen om daar het slot te verwijderen. Ik ben naar huis gelopen, wat gereedschap bij me gestoken en geprobeerd daarmee het slot open te krijgen. Flink zitten hameren, schroevendraaier in het slot geslagen, kabel proberen door te knippen. Het hielp allemaal niks. De fietsenmaker om de hoek mocht of kon mij niet verder helpen en adviseerde mij de politie te bellen. Ook die kon of mocht (of wilde) niks doen. Erg vervelend, want laat je goede fiets een nachtje bij een winkelcentrum staan en hij is óf door iemand meegenomen met wel het juiste gereedschap óf hopeloos vernield. Ik heb daarom nog maar een half uurtje extra zitten hameren en peuteren maar kon het slot met geen mogelijkheid open krijgen.

Uiteindelijk, na twee keer een half uur zitten klooien met hamer, schroevendraaier en diverse tangen, bleek de oplossing redelijk simpel: de ijzerzaag. Een kwartier duurde het om het kabelslot door te zagen. En tot een paar minuten voor het einde kon ik ongestoord mijn gang gaan zonder dat ook maar iemand een opmerking had gemaakt over mijn overduidelijke pogingen een fiets mee te nemen uit de stalling. ‘Lukt het een beetje?’ vroeg uiteindelijk een voorbijganger, en ik complimenteerde hem met die vraag. Eindelijk iemand die de vraag durfde te stellen, en eindelijk iemand die ik mijn setje sleutels mocht laten zien. De half afgebroken sleutel van het kabelslot en die andere die het beugelslot meteen open deed springen en daarmee mijn onschuld aantoonde. Want ondanks dat ik redelijk rustig en lakoniek bezig was het slot te vernielen, bleef ik toch de hele tijd denken: ‘Ik ben onschuldig, ik ben onschuldig en ik kan het bewijzen ook!’. Het is net zoiets als met dat elektronische poortje bij winkels. Je weet dat je niks te vrezen hebt omdat je niks gedaan hebt, toch ben je bang dat dat stomme ding zal gaan loeien en je terug moet om de inhoud van je tas te laten zien.

klikken voor groter plaatje of extra pagina Sportsponsering

donderdag 14 januari, 2010

Goal!Met een winkelwagentje van de JUMBO scoor je altijd!

Niet-Winkeldag

maandag 7 december, 2009

Niet-WinkeldagOp 28 november was het de jaarlijks terugkerende en internationale Niet-Winkeldag. Leuke initiatieven vind ik dit, zeker als je ziet waar iedereen in deze tijd van het jaar weer mee loopt rond te sjouwen om elkaar ‘gelukkig’ te maken. Ik had het in mijn agenda gezet, maar door het overlijden van mijn vader had ik er niet meer aan gedacht. Toch heb ik onbewust meegedaan en die dag niks geen geld uitgegeven. En nog steeds niet trouwens, behalve dan voor voeding, benzine en een paar treinkaartjes, maar ik neem aan dat men dat niet beschouwt als blinde koopwoede. En met Sinterklaas heb ik een vegetarisch kookboekje gekregen en een tweedehands fietsbel, dus dat zijn nuttige én duurzame cadeau’s. Behalve dan dat zakje pindarotsjes. Ik ben bang dat die het eind van de week niet zal halen.

klikken voor groter plaatje of extra pagina Pannenkoekenmix

dinsdag 11 augustus, 2009

Edah pannenkoekenmixPannenkoeken bakken in de zomer, waarom niet? Met een pak pannenkoekenmix van de Edah en wat ananas is dat best lekker. Hoewel, de Edah? De houdbaarheidsdatum van een bedrijfsnaam of merk is tegenwoordig ook maar beperkt. Daarom hoefde ik in dit geval het pakje pannenkoekenmix niet eens om te draaien om te weten dat het al veel te lang ongebruikt in mijn keukenkastje stond. Jammer. Morgen maar even een nieuw pak kopen bij de EM-TÉ. En dan maar hopen dat ik over een tijd niet met dat pak in mijn handen sta en denk ‘De EM-TÉ? Was dat niet een supermarktketen?’.

?>
AWSOM Powered