Pa: ‘Een TIA, wat is dat eigenlijk?’
Ik: ‘Die T weet ik niet meer, maar ik dacht dat de I en de A stonden voor Intravasculair Accident of zoiets’.

Ik heb het thuis meteen opgezocht in mijn oude Zakwoordenboek der Geneeskunde, en TIA is de afkorting van Transient Ischaemic Attack, een ‘voorbijgaande doorbloedingsstoornis’. De reden waarom mijn pa een aantal dagen moeilijk kon praten en zijn aangezicht aanvoelde alsof het gemaakt was van was. Verder doet de benaming er niet toe, want zoals hij het zelf verwoordt: ‘Ach, op mijn leeftijd kun je vanalles verwachten’.