Zes ton kunst
Nederland renoveert, en Tilburg renoveert driftig mee. Op dit moment wordt er op vele plaatsen in het centrum gebouwd en (open)gebroken, en één zo’n plaats is het Pieter Vreedeplein. En onder dit plein komt de zoveelste parkeergarage om het autoverkeer niét buiten de stad te kunnen houden en in deze parkeergarage een kunstwerk van zes ton wat niét zichtbaar zal zijn voor het merendeel van het publiek.
Allemaal erg logisch en heel modern, maar toch vooral veel weggegooid geld. In Tilburg staat namelijk een hoop openbare kunst die al lange tijd onder de grond gestopt had kunnen worden. Omdat men erop uitgekeken raakt of omdat het kunst is waar zelden door iemand serieus naar gekeken is. En misschien ook omdat het gewoon geen goede kunst is.
Onlangs zijn vanwege alle veranderingen twee kunstwerken verplaatst naar een andere locatie. Niemand die ik ken vond er ooit iets aan, maar net als een gebouw een kunstwerk voor de verandering eens gewoonweg verwijderen kon niet. En dus staan ze nu wederom nietszeggend op een andere plek. Bewoners die vanuit hun flat neerkijken op deze kunst gaven als reactie: “Nu kunnen we er langer en vaker naar kijken. Van sommige kunst moet je leren houden of leren begrijpen”.
Zegt men. Maar als iets na twintig jaar nog steeds (op zijn zachts gezegd) twijfelachtige waarde heeft?
Onderstaand twee van dit soort ‘dingen’.











